Stichting Bedrijfstakpensioenfonds voor het Levensmiddelenbedrijf

Stichting Bedrijfstakpensioenfonds voor het Levensmiddelenbedrijf, afgekort BPFL, is het pensioenfonds voor medewerkers in levensmiddelenbedrijven.

De kosten voor levensonderhoud stijgen bijna ieder jaar, dit is de zogenaamde inflatie. Het gevolg van inflatie is dat je minder kunt kopen met hetzelfde geld dan het jaar daarvoor of  enkele jaren geleden ontving. Pensioenfonds BPFL heeft als doel om de opgebouwde pensioenen mee te laten stijgen met de prijsstijgingen als gevolg van de inflatie. Dit wordt indexatie genoemd en de hoop is dat de pensioenen (gedeeltelijk) mee kunnen groeien met de prijsstijgingen. Een eventuele pensioenverhoging wordt uitgedrukt in een percentage en is alleen mogelijk wanneer de financiële situatie het toelaat. De beleidsdekkingsgraad van het pensioenfonds is hiervoor de graadmeter.

 

Beleidsdekkingsgraad

De dekkingsgraad is de financiële graadmeter van een pensioenfonds. Wanneer de dekkingsgraad 100% is, dan heeft een pensioenfonds precies genoeg geld om alle pensioenen te betalen. Hoe hoger de dekkingsgraad, hoe beter de financiële situatie. Besluiten over het al dan niet verhogen of verlagen van de pensioenen worden gemaakt op basis van de beleidsdekkingsgraad oftewel de gemiddelde dekkingsgraad over de laatste twaalf maanden. Volgens de wet mogen pensioenen worden verhoogd op het moment dat een beleidsdekkingsgraad van 110% is. Dit is echter geen verplichting.

 

Pensioen BPFL 2024

De pensioenen van BPFL worden in 2024, net als in 2023, niet verhoogd en ook niet verlaagd. De financiële positie van BPFL was eind 2023 beter, maar nog niet goed genoeg om de pensioenen te kunnen verhogen. Dnkzij nieuwe tijdelijke wettelijke regels kunnen de BPFL pensioenen worden gestabiliseerd. BPFL is afgelopen jaar aanzienlijk financieel gezonder geworden, maar men moet nog verdere vooruitgang boeken voordat zij in staat zullen zijn om de pensioenen te verhogen.

 

Pensioenregeling BPFL

De pensioenregeling van het bedrijfspensioenfonds voor het levensmiddelenbedrijf bevat de volgende soorten pensioenen:

  • Ouderdomspensioen (ook na echtscheiding)
  • Excedentpensioen
  • (Bijzonder) partnerpensioen
  • Wezenpensioen
  • Pensioenopbouw bij arbeidsongeschiktheid

 

Opbouwfase

Voorbeeld van de website van het pensioenfonds voor het levensmiddelenbedrijf (BPFL), met informatie voor werkgevers, nemers en gepensioneerden.
Voorbeeld van de website van het pensioenfonds voor het levensmiddelenbedrijf, met informatie voor werkgevers, nemers en gepensioneerden.

Indien je bij BPFL pensioen opbouwt, dan betaal je maandelijks pensioenpremie. Deze premie wordt automatisch ingehouden op jouw bruto maandsalaris. Zowel jij als jouw werkgever betalen voor jouw toekomstige pensioen. Hoeveel je precies betaalt, kun je op je salarisstrookje vinden. Jouw werkgever of het pensioenfonds kunnen je natuurlijk ook meer informatie geven over jouw pensioen(opbouw).

Wil je er zeker van zijn dat je, wanneer je met pensioen gaat, voldoende inkomen (AOW en opgebouwd pensioen) hebt? Dan kun je ervoor kiezen om extra geld opzij te zetten. Ook kun je een verzekering, zoals een kapitaalverzekering, afsluiten. Voor meer informatie over dergelijke verzekeringen, kun je kijken op pensioenverzekeraars.nl.

 

Nieuwe Pensioenwet

De Eerste Kamer heeft op 30 mei voor de Wet toekomst pensioenen gestemd. De Tweede Kamer heeft in december 2022 al voor deze wet gestemd. De betekent dat het pensioenstelsel in Nederland gaat veranderen. De nieuwe wet gaat in op 1 juli 2023. De nieuwe Pensioenwet geldt voor iedereen die pensioen opbouwt, iedereen die in het verleden pensioen heeft opgebouwd en hun bijdrage staat bij een pensioenfonds en voor iedereen die al pensioen krijgt. De wet gaat door en het is aan de sociale partners (werknemers- en werkgeversorganisaties) om vorm te geven aan de nieuwe pensioenregeling. Het bestuur van BPFL zal daarna uitvoering moeten geven aan die regeling. BPFL wil dat de nieuwe regeling per 1 januari 2025 ingaat.

Het transitieplan van BPFL is op 26 januari 2024 vastgesteld en ondertekend door de sociale partners van BPFL. Alle afspraken van de sociale partners staan in het ‘transitieplan’.

 

Wat verandert er?

  • Opbouw pensioenpot: deelnemers bouwen hun eigen pensioenkapitaal op (pensioenpot). Het pensioen dat je hebt opgebouwd tot aan de start van de nieuwe pensioenregeling, wordt omgezet naar een kapitaal binnen de nieuwe regeling, jouw pensioenpot. Dit pakt niet voor iedereen hetzelfde uit.
  • Het nabestaandenpensioen is straks bij alle fondsen hetzelfde.
  • Pensioenen gaan meebewegen met de economie. Pensioenuitkering kunnen hierdoor elk jaar anders zijn.
  • Afspraken over de compensatie: De nieuwe manier van pensioenopbouw pakt voor sommige deelnemers nadelig uit, zoals blijkt uit de berekeningen die zijn uitgevoerd door de sociale partners. Om de overstap zo eerlijk mogelijk te maken voor iedereen, ontvangen de deelnemers die er financieel op achteruitgaan een compensatie. De hoogte van deze compensatie is afhankelijk van het nadeel dat een deelnemer ondervindt door de nieuwe regeling.
  • Opbouw reserves: De sociale partners de pensioenen beschermen zodat het zo stabiel mogelijk blijft. Daarom is er afgesproken dat er geld wordt gereserveerd voor situaties waarin het financieel tegenzit. In geval van nood kan erg geld uit deze reserve worden gebruikt waardoor de BPFL pensioenen stabiel blijven en niet extreem fluctueren.

 

Klein Pensioen of waardeoverdracht

Als je weinig pensioen hebt opgebouwd, ook wel klein pensioen genoemd, dan kun je in bepaalde gevallen jouw pensioen in één keer laten uitbetalen. Er geldt een wettelijke grens en deze wijzigt jaarlijks. In 2024 is deze regeling van toepassing voor pensioenbedragen van meer dan € 2,- en minder dan € €592,51 bruto per jaar (was in 2023: €594,89). Voor het afkopen van kleine pensioenen van vóór 1 januari 2019 gelden andere regels.

Als je in een andere sector gaat werken dan kun je ervoor kiezen om jouw opgebouwde pensioen over te zetten naar het pensioenfonds van jouw nieuwe werkgever. Dit heet waardeoverdracht. Je kunt het het opgebouwde pensioenbedrag ook gewoon bij het BPFL laten staan.

 

Per 1 januari 2024 pensioenopbouw vanaf 18 jaar

Vanaf 1 januari 2024 gaan werknemers eerder pensioen opbouwen. Een werknemer bouwt dan vanaf 18 jaar pensioen op. Eerder was dat nog vanaf 21 jaar. De overheid verlaagt deze leeftijd, zodat zoveel mogelijk werkenden pensioen kunnen opbouwen. Deze verandering heeft gevolgen voor zowel werkgevers, werknemers als het pensioenfonds.

 

Wet ‘Bedrag in één keer’ weer uitgesteld

De invoering van het ‘bedrag in één keer’ is weer uitgesteld. De ingangsdatum van 1 juli 2024 is niet haalbaar. De nieuwe pensioenkeuze gaat op z’n vroegst op 1 januari 2025 in. Dit heeft de overheid op 9 november bekend gemaakt. In de toekomst kun je een deel van jouw opgebouwde ouderdomspensioen ineens opnemen. Het is de verwachting dat dit op zijn vroegst vanaf 1 januari 2025 mogelijk wordt.

 

Uitbetaling BPFL

Het pensioen dat je bij het pensioenfonds voor het levensmiddelenbedrijf hebt opgebouwd, wordt iedere maand rond de 23ste uitbetaald. In principe staat je pensioenuitkering dezelfde dag op je rekening. In de reacties hieronder kun je de meest actuele betaaldata vinden.

 

Wat zijn jouw ervaringen met het BPFL?

Zijn de betalingen van BPFL altijd op tijd binnen?
Laat een reactie achter en deel je ervaringen of evt. aandachtspunten met ons en andere lezers!

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.